• Arthur Hanselman-Eerelman

Goedpraten

Mensen hebben de neiging om dingen goed te praten. Ik ook. Je eigen acties, bepaalde gebeurtenissen of dingen die je juist niet doet. Een paar (echt gehoorde) voorbeelden: ,,Ik zou wel vegetariër willen zijn, want ik vind het best zielig voor die dieren. Maar de mens is nou eenmaal gebouwd om vlees te eten. Kijk maar naar die scherpe hoek- en snijtanden. Je hebt gewoon vlees nodig. Je wordt er groot en sterk van."

Nog een paar voorbeelden rondom eten en drinken: ,,Morgen ga ik op dieet. Dus nu mag ik nog lekker snaaien. Het gaat er binnenkort toch weer vanaf."

,,Ik ben morgen vrij, dus één biertje kan nog wel (na die vijf die er al in zitten)." En een herkenbare goedprater, vooral voor de dames: ,,Het was in de uitverkoop. Normaal betaal je twee keer zoveel voor deze tas/schoenen/jurk." Eentje die ik zelf regelmatig gebruik: ,,Ik hoef niet te sporten, ik loop elke dag al een paar kilometer van en naar de trein en trek vaak een sprintje als er weer eens vertraging is, om de aansluiting te halen."

Zitten je kinderen op een kinderdagverblijf? Waarschijnlijk vind je dat het goed is voor de ontwikkeling van je kind. De kleine leert daar delen en spelen. Het is een goede voorbereiding voor school. Grote kans dat je deze argumenten ook gebruikt als de opvang alleen nodig is omdat je baan wilt houden. Als ze niet op de opvang zitten, vind je waarschijnlijk dat het beter is voor een jong kind om thuis bij pa of ma of de grootouders te zijn in het warme nest.

Je ondersteunt de keuzes die je hebt gemaakt met argumenten, die zijn gebaseerd op feiten, maar vooral op gevoelens. Want je wilt dat wat je doet, goed is. Of in elk geval goed voelt.

In moeilijke tijden, bij schokkende gebeurtenissen zoals het verlies van een naaste, het verbreken van een relatie of ontslag op je werk, hoor je regelmatig dat je daar uiteindelijk sterker uitkomt. Waarom? Omdat er uit iets naars, iets moois moet komen? Zodat het toch nog ergens goed voor was? Ik zie wel om me heen dat schokkende gebeurtenissen nieuwe dingen op gang kunnen brengen. Nieuwe relaties, andere inzichten. Dat kan heel mooi zijn. Maar er sterker uitkomen? Het geldt niet voor mij in elk geval. Ik ben alleen maar bang dat er meer ellende op mijn pad komt en ik ben me de laatste jaren erg bewust geworden van de kwetsbaarheid van het bestaan.

Ik vind het fijn als anderen steun aan het idee hebben, maar voor mij voelt het als goedpraten van iets waar niets goed aan is. Maar dan hoor ik in mijn hoofd dat ene liedje van Rowwen Hèze, Heilige Anthonius. "Soms is 't beater iets moeis te verleeze. Beater verleeze dan dat ge 't noeit het gehad."

Laat ik me daaraan vastklampen. Misschien is het een kwestie van tijd?

Martine Eerelman-Hanselman