• Arthur Eerelman-Hanselman

Thuis

Ik ben hier in Geldermalsen prima op mijn plek, want wij wonen in een van de mooiste regio's van het land. Dat schreef ik oprecht in mijn eerste column.

Ik ben geboren en getogen in Rotterdam en heb daar een kwart eeuw gewoond. Dat verloochent zich nooit. Mijn dochter vertelde laatst, toen we samen op weg waren naar Sparta, dat ze daar wel een beetje jaloers op was: ,,Ik zou willen dat ik uit een stad kwam, jij voelt je voor altijd Rotterdammer." Dat klopt als een bus. Maar ik voel me na 16 jaar ook wel heel erg Geldermalsenaar en Betuwnaar en zij mag trots zijn dat zij hier is geboren en getogen; ik zal mijn leven lang import blijven.

Grappig fenomeen overigens, dat import zijn. Daar heb ik felle discussies over meegemaakt. Of het wel of niet goed is dat "hier" veel import is. Toen we ons huis kochten in 2002 vroegen we aan de makelaar of hier veel import woonde. Hij begon omslachtig een verhaal te vertellen over mensen van buitenlandse afkomst, wellicht denkend dat we daarom uit Gouda waren vertrokken. Niets is minder waar en toen we zeiden dat we dat niet bedoelden, vertelde hij dat ongeveer de helft van de Geldermalsenaren import is en de andere helft 'authentiek'. Al met al vermoedde hij dat wij hier wel zouden wortelen.

Dat bleek perfect te kloppen. Wij hebben een leuk druk sociaal leven, met familie en vrienden door het hele land. We zijn veel op stap of krijgen bezoek van elders. Een groot deel van mijn sociale netwerk is in Rotterdam tot stand gekomen. Langdurige relaties met vrienden, die ik soms al vanaf mijn derde ken, die net als wij uiteindelijk overal en nergens terecht zijn gekomen. Veel vriendschappen zijn gebleven, ook toen ik Rotterdam had verlaten. Wonend in Utrecht, Capelle aan den IJssel en Gouda hadden we het ook reusachtig naar onze zin, maar wat we daar nooit deden, was nieuwe lokale vriendschappen opbouwen. Juist hier in de gemeente deden we dat wél en dat maakt Geldermalsen in mijn ogen extra bijzonder.

Ik vraag me regelmatig af waardoor dat komt. Enerzijds zal het de leeftijd zijn; meer bereid zijn lokaal te landen, een andere levensfase, kinderen. Minder vaak op stap omdat je de kinderen niet steeds mee wilt slepen, dus meer thuis en meer oog voor het lokale. Je komt op andere plekken; het schoolplein, de voetbalclub. Hoewel ik mij ook daar thuis voel, is dat denk ik niet het voornaamste. Nee, de mooiste lokale vriendschappen zijn voortgekomen uit contacten via Twitter. Korte lijntjes, veel contact, 'zullen we eens een kopje koffie drinken'. Tegelijk bedenk ik mij, dat ik buiten onze gemeente, via social media wel kennissen heb opgedaan, maar geen nieuwe vriendschappen. Mijn theorie is dat de lokale twitteraar een bijzonder soort mens is en dat de combinatie van openheid en toegankelijkheid bij de digitale dorpspomp een rijkdom biedt voor het opdoen van nieuwe vriendschappen en kennissen. Hoe het ook is, ik geniet er volop van.

Arthur Eerelman-Hanselman