Mansveld en Van Maanen bekrachtigen akkoord spoor

GELDERMALSEN Een breed pakket aan maatregelen op en rond het spoor binnen de gemeente Geldermalsen is vervat in een akkoord op hoofdlijnen tussen de gemeente Geldermalsen en het ministerie van Infrastructuur en Milieu. De maatregelen dragen bij aan realisatie van hoogfrequent spoorvervoer tussen Amsterdam en Eindhoven. Het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) is een initiatief van het ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) met als doel de verwachte groei van het reizigers- en goederenvervoer op het spoor in de toekomst op te kunnen vangen.

Nadat op 1 juli de gemeenteraad van Geldermalsen al had ingestemd met het bereikte onderhandelingsresultaat heeft hiervoor nu ook staatssecretaris Mansveld het groene licht gegeven. Dit werd maandag bevestigd tijdens een persoonlijk onderhoud tussen haar en wethouder Ton van Maanen. Dit resultaat is bereikt na een intensieve periode waarin door gemeente, ministerie en Prorail effectief is onderhandeld.

Het akkoord omvat o.a.:

- het vervangen van twee gelijkvloerse spoorkruisingen in het dorp Tricht door een drietal onderdoorgangen; twee autotunnels waarvan één tunnel deel uitmaakt van een aan te leggen randweg om het dorp en daarnaast een derde tunnel geschikt voor voetgangers en minder-validen met scootmobiel of rollator;

- het naar voren halen uit het Meerjarenprogramma Geluidhinder (MJPG) van het realiseren van geluidwerende voorzieningen langs het spoor in Tricht en Geldermalsen;

- het aanbrengen van een trillingwerende wand ter hoogte van de Willem Mechteldstraat in Tricht;

- de aanleg van een volwaardige voetgangerstunnel onder het NS-station Geldermalsen ter vervanging van de bestaande traverse.

De totale kosten van de maatregelen bij Geldermalsen bedragen 146 mln euro. Het gemeentebestuur draagt daar met een gemeentelijke bijdrage 3,5 mln euro aan bij.

Het akkoord vormt de komende periode het kader waarbinnen onderdelen nog in detail worden uitgewerkt. Beide partijen hebben de wens en intentie uitgesproken dat bij deze nadere uitwerking de direct betrokken woonomgeving nadrukkelijk betrokken blijft.